Geen Neerslag

Van jongs af aan proberen ze ons wijs te maken dat we sterfelijk zijn.
Dat we alleen ons lichaam zijn, dat dit materiële voertuig onze enige ware realiteit is.

Het is alsof je van water zegt;
‘IJs is de enige werkelijkheid van water, andere vormen van water bestaan niet,
laat staan vormen die je niet kunt zien, zoals verdampt water’
‘Wij dienen ons bestaan op ijs te bouwen, daar kun je op vertrouwen’

Water kan niet vergaan, ook al gaat het nog zo ver, al verdampt een heel meer,
het water is niet weg. Het is nergens niet.

Zonder erkenning van al die andere vormen komt er nooit
enige ‘neerslag van betekenis’.

(F Wildesheim, ongepubliceerd dagboekfragment uit ‘Nalatig Heden’

Ruim

Het meest verbijsterende blijft dat de tienduizend dingen naast elkaar en tegelijkertijd bestaan in dit ene tijdloze moment, en dat alles zonder enige moeite of strijd.
Die strijd is maar schijnbaar.
Het kost de zee geen enkele moeite om eindeloos op de rotskust te beuken.
Een vulkaan braakt moeiteloos zijn lavastromen uit, zonder strijd.
De orkaan met een onschuldige meisjesnaam verwoest zonder inspanning het aardse mensenwerk.
De walnotenboom doet geen enkele inspanning om te groeien en te bloeien en honderden noten voort te brengen, het is zijn oorspronkelijke natuur te geven.

Ik geloof op geen enkele manier in het veel geroemde geploeter van de mens,
het nut en de zin ervan ontgaat mij volkomen.
Het duidt op ontworteling, op een vervreemding van de natuurlijke staat.
Het rare idee dat de mens zelf geen natuur zou zijn is diep ingesleten in de cultuur.
Je zou zelfs kunnen stellen dat dat de cultuur is, een verzet tegen de natuur en al wat natuurlijk is.
Natuurlijk kun je geen moeite doen om de natuurlijke staat te herwinnen, of te bereiken.
Elke poging daartoe is een stap er vandaan, zoals elke poging om geluk te benaderen
vergeefs is. Pas als geluk je niets meer interesseert valt het je toe.
(Fragment uit ‘de Ongeordende Dagboeknotities’
van F.Wildesheim)

Wukki & Olli

‘Wukki Wunderhund in Pipikakaland’ , zo luidde de titel van het laatste kinderboek van Anita Söderstrom. De slimme hond Wukki weet met zijn wondersnuit allerlei geheimen op te snuffelen. Zijn baasje Olli Olafsson maakt hun ontdekte geheimen openbaar. Nalatige ouders worden ontmaskerd, vergeten kinderen opgespoord, verloren voorwerpen gevonden, geheime ruimtes ontdekt. Er is echter één mysterie in Pipikakaland dat onopgehelderd blijft. Er liggen her en der enorme drollen op straat en die zijn niet van een hond. Het vreemde is…ze geuren heerlijk en hebben alle kleuren.
(De illustraties van Thor Söndergard zijn overigens meesterlijk en uitzonderlijk grappig.)
Olli neemt de drollen mee naar huis om ermee te boetseren, zo onschuldig begint het…
Maar het gaat van kwaad tot erger. Olli snoept van de drollen, bakt er tenslotte taarten van voor zijn moeders verjaardag. Voor het eerst sinds jaren ziet hij zijn vader en moeder gelukkig…alleen opa Wassmö blijft nors mokkend in een hoekje zitten…hij lust geen taart.
Olli weet dat het door de drollen komt, die kennelijk een geluksstofje bevatten…?
De ontknoping van het mysterie zorgt voor verbijstering in het kleine Zweedse stadje.
Om welk wezen het gaat wil ik hier niet verklappen. (Loewaki)
Het is te walgelijk voor woorden, maar dit wezen schijt alle straten van Pipikakaland onder.

Het kinderboek is in opspraak geraakt en op last van de rechter uit de handel genomen. De Zweedse jeugd ging massaal met de materie aan de slag, geïnspireerd door het verhaal.
Anita Söderstrom werd door de pers voor een zieke geest uitgemaakt, die de kinderziel infecteert met vuiligheid…coprofagie.

‘Ruim driekwart van de Scandinaven gaat dagelijks gebukt onder chronisch depressieve klachten, hoeveel kinderleed veroorzaakt dat niet!’ ,was het laatste commentaar van de verguisde schrijfster.
Het boek is alleen nog antiquarisch te vinden, voor de liefhebber van maatschappelijk
relevante literatuur.
(2016 Sverigebok Förlagsgrupp isbn 64586690)

Intelligente Amputatie

Niet gevonden bewijs is geen bewijs dat iets niet bestaat, misschien hebben we nog niet
goed gezocht, op de verkeerde plaats gezocht. Misschien hebben we het buiten ons zelf gezocht terwijl het binnen in ons besloten ligt.
Kortom; Afwezigheid van bewijs is geen bewijs voor afwezigheid.

Onze arrogante wetenschap redeneert echter nog altijd: niet gevonden bewijs is het bewijs dat iets niet bestaat, het verschijnsel heeft nooit plaatsgevonden.
Hoe dom kun je jezelf maken door alleen in objectiviteit te geloven?
Je halveert jezelf door je subjectiviteit te ontkennen, haar informatie af te wijzen en
niet bewust te gebruiken.
Ons subjectieve onderbewustzijn is immens veel groter dan ons objectieve bewustzijn.
We zijn ons maar van een fractie van de hele bewustzijnsinhoud bewust.

Het is alsof je zegt het zeeleven bestaat uit wat er zich aan de waterspiegel vertoont,
schepen, boten en vaartuigen….ja en heel zelden waargenomen….een vliegende vis,
maar dat kan ook visserslatijn van een zeezieke zeeman zijn.
Onder water bestaat er niets voor de wetenschap.
Zelfmutulatie is de basis van de wetenschappelijke methode.

Plus plus plus plus…

Niet het één of het ander.
Het is en en en en en en en en en en ad infinitum…
Het is ook ook ook ook ook ook ook ook ook….

Een optelsom van meer dan de som der delen,
plus plus plus plus plus plus plus plus…
zelfs min min is plus…

Dat is niet positief of negatief,
het is simpelweg totaal totaal totaal totaal…

Droog dessert

Zandkorrel mens

ligt in vele mensheden

verspreid

over moeders aardhuid

woestijnen vol

gestapelde gekte

nagerecht der evolutie…

verzadigd boert Darwin,

goed,

wat nu nog?

nog grotere monden?

zeven magen,

net als de ware koe?

of nog meer maagdelijk

ongebruikt brein?

geen idee,

korrels kom!

terug in zee

demp

de vloed

(of neem een Rennie)