Fernweh

Vogels trekken, padden trekken.
Tandartsen trekken liever
niet, ze vullen hun leven liever
met wat anders, dan haal je
er meer uit zeggen ze…tja

Conclusies trekken,
oude wonden trekken
Vissen trekken zich niets aan,
ze gaan naakt, de hele zee
past als een dikke natte jas.

Kurken trekken, flessen trekken,
wortels trekken, nomadengedrag.
En wie geen fernweh heeft die
krijgt zijn trekken gewoon thuis
voor zo ver de voorraad strekt.

Hier

Dansende bladschaduwen op de muur

wegsmeltend in het jongste licht,

dat dag schijnt te zeggen.

*

Een oud scharnier miauwt,

niemand treedt binnen,

alleen adem tocht.

*

Innig diepe verten

binnen dit allerkleinste,

deze dooier vol leven.

*

Beuken kreunen omberkleurig,

ze zuchten zich heel,

vallen ten prooi aan geluk,

dat gulzige roofdier.

*

Geen enkele verklaring

overwoekert dit geheime pad,

vleugelafdrukken in de lucht.

*

Thuisdwalend in elke bestemming,

overal verwijlt hier hier

deze immensige holte,

onverwoestbaar stil.

Resten

De sloop van het verwoeste…
Op de heuvelachtige berg van het toeristenstadje staan de schamele resten van een ruïne. De locale middenstand wil het kasteel herbouwen, als trekpleister op de ‘wond’. Dit stuit op verzet van historisch besefdragers. ‘De ruïne zou onherstelbaar beschadigd worden door herbouw’ ,aldus het ruïne-comité. Voor en tegenstanders zoeken een compromis dat beide principiële standpunten constructief zal slopen.
De ruïne is een monument voor de vergeten geschiedenis, om de herinnering aan het zwakke geheugen levend te houden. We mogen nooit vergeten dat we maar zo weinig onthouden. Het geheugen is slechts een ruïne van de alomvattende werkelijkheid.

Hoeden

Schoenen lopen wat af, plaveisel slijpt zolen,
onderwijl blijven voeten roerloos thuis, hecht omsokt.

Kleding draagt lichamen door deze omwereld,
de hemel beademt terloops de nog lege longen.

‘De dingen’ grijpen handen doortastend vast,
ze bewegen deze sereen onbewogen staat.

Zo doet het potlood een hand schrijven en
betekenisjes tekenen in de kantlijn van dit leven.

Mysterie vermomt zich hier als doodgewoon wonder,
opmerkelijk hoe onopvallend dit zich publiekelijk toont.

Het voelt zich bekeken alsof leven geschaduwd wordt
door een geheime aanwezigheid die dit zijnde leeft.

Hoeden zoeken vergeefs naar kruinen om te bedekken,
maar geheimen openbaren zich zonder hoofd, zo bloot.

Eikels

Volgens hemzelf had hij de ecologische voetafdruk van een eend. Na elke biefstuk plantte hij een boom langs de snelweg. In de achterbak lag een hele vuilniszak eikels. Na elk impulsief vakantievluchtje, een weekje Sicilië, vloog hij gewoon ijskoud twee maanden niet, principieel. Douchen deed hij al jaren niet meer. Een keer per week weken in het verwarmde reumazwembad. Reuma had hij niet, maar dat kon je ook maar beter voor zijn. Preventie. Het moeilijkst had hij het toch met vlees en vegetarische schoenen. Ze liepen nog best lekker maar waarom waren die soja-sloffen zo lelijk? Hij was vast genetisch belast gezien zijn vleesverslaving. Maar goed, aan de ander kant, naast de vluchtstrook van zijn forensen-route schoot een kilometers langgerekt eikenbos op uit de vuile grond. Daar kon iedereen stapvoets van mee genieten als je in de file stond. Vaak dagdroomde hij van een auto met een stekker die geruisloos op waaistroom reed.

Tast

Nog voor het vergeten kan worden wordt er geen kennis van genomen.
Zo werkt de magie van het eenmalige. Het eenmalige kun je niet onthouden
omdat ze onvergetelijk is voor het geestesoor. Het oor weet niet wat het hoort. Als een oud doorleefd klavier ongeboren melodieën ontlokt aan onwetende vingertoppen. Haar toetsen tasten naar vingerspitsen, nodigen uit: ‘Voel mij, speel mij, leef mij, proef dit luisterrijk’.
Zo omvangrijk, dit nog niet zijnde. Klankrijk van het ongemanifesteerde.
Het geestesoor blijft eeuwig stil in het prille begin, ontvankelijk voor wat dan ook.

1

Elk mens is 1 wilde bloem in het veld, 1 zeld-
zame mogelijkheid, 1 malig als 1 ling.

Pluk bloem niet, voor in je kale vaas, ruk bloem niet
met wortel en al, om als kasplant in je vensterbank…

Jammer niet van oh, wat issie mooi, als 1 droogbloem
in je plakboek met 1 mooie dooie praatnaam erbij.

Het mensenherbarium zit vol mismaakte mensbloemen,
als vlinders vastgeprikt, dood door pervers eerbetoon.

Laat staan in het vrije veld, de bloem, in rust verkwijnen,
ze vraagt geen roem, geen bewonderende blik.

Geen gedetermineer, geen soortbepaling, het 1 nige
wat bloem wenst is 1 bezoek van dat wat zalig zoemt

in dat zoemen komt alles bij 1.

Nova

Gisteravond ging de langverwachte musical Nova Zembla in première.
‘Een staaltje van ontberingsentertainment’ ,aldus de eigen recensent van
Wastelandproductions. ‘Volgens ons marktonderzoek was er een enorme behoefte aan ontberingsvermaak, het moderne publiek wil gewoon lekker een avondje afzien…huiveren, klappertanden. Dat het zelf daarbij buiten schot blijft geeft een extra warm beschutte musicalbeleving’.                                           Het is een huiveringwekkend spektakel soms gelardeerd met een luchtige ijsberenchoreografie rond ‘het Behouden Huys’….de sneeuwkanonnen spuiten permanent. De glansrol van Willem Barentsz wordt grandioos vertolkt door Govert Rilling, die ook al schitterde in de awardwinnende kaskraker ‘Kuifje in België’.
Er was in de try-outfase nogal wat zuinige kritiek op de muziek van DJPlankton, die zou veel te gezellig zijn…een te hoog meezinggehalte hebben en bar weinig huivering wekken…de track werd nogal cru getypeerd als ‘boodschappenkarretjesmuzak’. DJPlankton liet de track remixen in het minimal music-idioom waardoor er een akelig koude sfeer ontstaat. Je voelt als het ware de koude poolwind door de kieren van het slecht geïsoleerde Huys tochten. Speciale complimenten trouwens voor de spookachtige noorderlichtshow in de slotacte.

Spoelen

Wie zichzelf normaal vindt heeft zich succesvol laten hersenspoelen.
Wie de wereld als gewoon beschouwt heeft een inschattingsprobleem.
Wie meent dat alles meetbaar is, is wel heel erg goed bij zijn gekke hoofd.
Wie dit bestaan vanzelfsprekend vindt leeft zo oppervlakkig als een pixel.

F Wildesheim

Wet

Je hoeft het je niet eens voor te stellen, het is simpel een kwestie van tellen.
Het is de ‘Wet van de Equivalentie’ die zegt dat er precies even veel sterren als zandkorrels zijn in de woestijnen en stranden van planeet aarde, tel ze zelf maar na. Precies evenveel. Het is ongelooflijk…en weet je waarom? Geen idee zeker?…gewoon omdat de wet van de equivalentie dat zegt. Heb je nu eenmaal dat getal paraat tel dan meteen ook even het aantal zielen, plus het aantal druppels in de oceaan…weer datzelfde getal…een wonderlijke wet. Tel dan nog het aantal hersencellen bij elkaar van wezens die ooit deze planeet vergeefs probeerden te doorgronden…weer datzelfde getal. Big data is meten wat je allemaal niet weet, een onmetelijk getal, tel het maar na als je het niet gelooft. Of hou je niet van tellen?
Kijk dan naar de nachthemel en zie de sterren als je hersencellen die oplichten in Oceanische ruimte niet begrensd door een hersenpan.