Fernweh

Vogels trekken, padden trekken.
Tandartsen trekken liever
niet, ze vullen hun leven liever
met wat anders, dan haal je
er meer uit zeggen ze…tja

Conclusies trekken,
oude wonden trekken
Vissen trekken zich niets aan,
ze gaan naakt, de hele zee
past als een dikke natte jas.

Kurken trekken, flessen trekken,
wortels trekken, nomadengedrag.
En wie geen fernweh heeft die
krijgt zijn trekken gewoon thuis
voor zo ver de voorraad strekt.

Hier

Dansende bladschaduwen op de muur

wegsmeltend in het jongste licht,

dat dag schijnt te zeggen.

*

Een oud scharnier miauwt,

niemand treedt binnen,

alleen adem tocht.

*

Innig diepe verten

binnen dit allerkleinste,

deze dooier vol leven.

*

Beuken kreunen omberkleurig,

ze zuchten zich heel,

vallen ten prooi aan geluk,

dat gulzige roofdier.

*

Geen enkele verklaring

overwoekert dit geheime pad,

vleugelafdrukken in de lucht.

*

Thuisdwalend in elke bestemming,

overal verwijlt hier hier

deze immensige holte,

onverwoestbaar stil.

Hoeden

Schoenen lopen wat af, plaveisel slijpt zolen,
onderwijl blijven voeten roerloos thuis, hecht omsokt.

Kleding draagt lichamen door deze omwereld,
de hemel beademt terloops de nog lege longen.

‘De dingen’ grijpen handen doortastend vast,
ze bewegen deze sereen onbewogen staat.

Zo doet het potlood een hand schrijven en
betekenisjes tekenen in de kantlijn van dit leven.

Mysterie vermomt zich hier als doodgewoon wonder,
opmerkelijk hoe onopvallend dit zich publiekelijk toont.

Het voelt zich bekeken alsof leven geschaduwd wordt
door een geheime aanwezigheid die dit zijnde leeft.

Hoeden zoeken vergeefs naar kruinen om te bedekken,
maar geheimen openbaren zich zonder hoofd, zo bloot.

1

Elk mens is 1 wilde bloem in het veld, 1 zeld-
zame mogelijkheid, 1 malig als 1 ling.

Pluk bloem niet, voor in je kale vaas, ruk bloem niet
met wortel en al, om als kasplant in je vensterbank…

Jammer niet van oh, wat issie mooi, als 1 droogbloem
in je plakboek met 1 mooie dooie praatnaam erbij.

Het mensenherbarium zit vol mismaakte mensbloemen,
als vlinders vastgeprikt, dood door pervers eerbetoon.

Laat staan in het vrije veld, de bloem, in rust verkwijnen,
ze vraagt geen roem, geen bewonderende blik.

Geen gedetermineer, geen soortbepaling, het 1 nige
wat bloem wenst is 1 bezoek van dat wat zalig zoemt

in dat zoemen komt alles bij 1.

Diep

In Llasha steken jonge monniken zichzelf
in brand als laatste geweldloos statement.

Honderachtenvijftig bodhisattva’s verlieten
deze doofstomme, blinde, vereelte wereld.

Zelfs Lama’s staan machteloos tegenover
zoveel vastberadenheid en doodsverachting.

Ik kan niets dan diep buigen voor deze ongeboren
Boeddha’s , voor de lichaamsloze staat van zijn.

Gas

Geprezen zij modder op je bodem.
Dankzij haar is dit wuste water zo helder
als gas dat rustend uit je modder stijgt.

Roer je niet, dan blijft het helder wustig en
vergeet niet, nee vergeet nooit haar te eren.
Het blijft wel je modder, je geboortekust.

Vuil

De zonnestraal in deze lege kamer vormt slechts
een schaduwdun plakje licht op de kale vloer.

Pas dankzij een stofwolk wordt het een massieve straal.
Het vuil maakt het licht zichtbaar, schijnbaar tastbaar.

Zo straalt ook bewust zijn op het vuil van de wereld,
zelfs vuil is dan subliem, door zon goddelijk bevonkt.

Wijds

De blik op een immer wijkende horizon
legt het af tegen het microscopische panorama
van het innerlijkste binnen.

Ook dat blijft wijken,
hoe kleiner hoe grootser,
hoe minder hoe wijdser.

Het oog op zoek naar vastigheid
vindt hier nergens houvast
in de vrij spelende dynamische energie,
die speelt met de natuurwetten,
fluïde spelregels.

Dit zijn hier is te ver om naar toe te reizen,
er zit geen ruimte tussen dat gene dat kijkt
en dat wat bekeken lijkt.
Zijn is onbereikbaar, zo identiek.

Guru

I had a dream that I was awake and I woke up to find myself asleep.
I always feel that action speaks louder than words.
I have forgotten more than you shall ever know.
Humor is the truth, wit is the exaggeration of the truth.
If any of you cry at my funeral, I’ll never speak to you again.

Stan Laurel

Wens

{CAPTION}

Photo: Jelle Touw©️2019

Het wintermeer ligt er bezwaand bij.
Zij bevaart de ijswoestijn, een maagdelijk scheepje van veren,                                                            dromend van haar maanei hoog
boven de sneeuwwolkenvelden.
Hij waakt over zijn witte bruid,
zijn diepst vervulde wens.

Niemand zou hier iets van weten
zonder het wakend oog van de
camera-mens.
Zwanen schreven dit met hun licht
op uw netvlies, voor nu even vereeuwigd.