Chopart & Mozin

Ken je showpein?
Shop Hein?
Ja Sjopijn!
Joe Penn?
Gopin!
Joop Anne?
Neehee, Chaud Pain!
Oh Chopin … die chocolatier toch?
Nee, die Poolse stukadoor, nou goed.
Nee, maar ik ken wel Moos Hart…
Meaux heart?
Nose hard?
Nee, Mose Art!
Beaux Arts?
Mow! Tsar!
Mootsaar?
Ah, Mozart van Le Quattro Stagione?
Die pizzeria?

Rach

De eerste prelude in Cis mineur van Sergei Rachmaninoff komt volgens de overlevering voort uit een indringende droom die de jonge componist had. Het stuk is kapotgespeeld sinds het bestaat en exemplarisch voor Russische melancholie, met een aan waanzin grenzende heftigheid van het snelle, agitato, middendeel. De melodramatiek laat geen ruimte voor relativering als het stuk afsluit met een luide versie van dezelfde inleiding, als beierende klokken. Nu de droom.
De dromer loopt door een eindeloos lange duistere zuilengalerij tot hij bij een altaar aankomt waar een doodskist op ligt. Hij kijkt onder de deksel en ziet zichzelf daar liggen. Existentiëel gezien is dit in wezen heel grappige droom, want als
Sergei daar werkelijk ligt…wie is dan degene die in de kist kijkt?
Als Sergei degene is die onder de deksel kijkt…wie of wat is dan degene die in de kist ligt? De eenzame dromer lijkt getuige van zijn eigen dood, hetgeen vertelt dat er niemand dood is, hij is samen met zichzelf.
Rachmaninoff zal hier waarschijnlijk de humor niet van ingezien hebben, het zou namelijk de hele dramatische lading hebben ontkracht. Wat het weer extra grappig maakt? Dit verhaal is wellicht ook exemplarisch voor de onnauwkeurigheid waarmee men waarneemt en automatisch interpreteert, zonder echt te onderzoeken.
Ik had het verhaal tot voor kort nooit gehoord, dus ik heb dit dus ook nooit in de muziek zelf gehoord. Voor mij was het neutraal, wel mysterieus en meeslepend.
Nu kan ik er niet meer naar luisteren zonder een inwendig brede grijns.
Elk verhaal kan op muziek geprojecteerd worden, maar waarom zou je?
Een componist mag nooit zijn bron vrijgeven, het voegt niets toe.

Es

esdoornvleugeltjes
fel opgloeiend in de zon

verkoold haardhout dat nasmeult
als hete winterbloesem

sierlijk zweeft het vleugelzaad
in vruchtbaar grijze as

om tot boom te ontkiemen
of rot ze zacht weg?

van de tienduizend zaden
kiemen er slechts drie

waarvan één boom wordt
toch geeft elk zaadje zich leeg

van de tienduizend bomen
wordt er één niet tot brandhout

zie hier hoe zeldzaam
zeldzaam zijn komt zelden voor

wat is de mens dan

brandhout of een zaadje?

van de tienduizend mensen

komt slechts niemand tot verlichting

Ozamaki©FutonPress2019

uit:WankeleVerzen, vertaling:Miruki Wildesheim

Mors

Ga argeloos morsend te werk
dat geeft een vlek,
zorgvuldig knoeien mag ook.

Wrijf in de vlek,
smeer wat overtollig is
per ongeluk aan je neus,
moedwillig mag ook.

Teken een rondje,
met een pupilpuntje erin,
bij wijze van oog,
een streepje mag ook.

Nog een krabbeltje neus…
een gaapje mond,
een gaatje mag ook.
Wat mag eigenlijk niet?

Knip de vlek uit.
Plak hem op.
Lijst hem in,
zie hier het zelfportret
van de morslevende
Homo Ludens

Nalatig

nalatenschap blijft
blijft hier in wat bezield is

strooit alle zaadjes
laat hier dit verwaaide kaf

hulzen dansen wild
kringetjes in de herfstwind

ik is een verlaten huls
het wonder is uitgezaaid

neem gerust alle dingen
laat hier de ruimte

neem al wat klinkt
laat hier dit stille wezen

verzamel elk denkbeeld
stook er een vreugdevuur van

wees zorgvuldig nalatig
zo wordt dit wonder gevoed

Ozamaki©FutonPress2019

uit: WankeleVerzen, vertaling:Miruki Wildesheim

Koans

Niets hebben en toch
niks missen, dat lijkt op niets
kwijt zijn en toch niks zoeken.

Hoe zou datgene
wat niemand kan bezitten
kunnen zoekraken?

Alleen eigendom
kan ons gestolen worden.
Niets, dat is al weg

Hoe kan iets gezocht worden
als het niet al gekend zou zijn?
Hoe zou dit, hier gevonden
ooit herkend kunnen worden?

Hoe kan iets op zoek gaan

naar datgene wat op zoek gaat?

Als datgene wat zoekt

juist het gezochte is?

Is zo gezien niet
zoeken het vinden
en jagen de prooi?

Ozamaki©‘WankeleVerzen’ FutonPress 2019 vertaling:Miruki Wildesheim

Nasmaak

Op de binnenplaats van ‘ons’ winkelcentrum voetbalden wij in de late zomeravonduren.
Een perfecte ommuurde plek. De bevoorrradingsdeuren dienden als doel, ieder een deur. Aan de zijlijn van ons stenen veld zat het verplichte Chinese Aziatische restaurant, met grote afvalcontainers. Het stonk er altijd naar voedselresten. De Chinese kat zat vaak met tevreden oogspleetjes in de deuropening, er liepen ratten.
Na een blikseminspectie van de voedsel-en-warendienst werd het restaurant plotseling gesloten. De containers zouden vol met blikjes hebben gezeten, blikjes kattenvoer,
balletjes in saus. Zoveel blikjes kon die ene kat nooit op. Hij moest dus geholpen zijn door de bezoekers van het restaurant aan de voorkant, handlangers…medeplichtigen. Hoe het restaurant heette weet ik niet meer, wel dat het volgende Chinese restaurant in de volksmond ‘Mi Hauw’ werd genoemd. De volksmond geeft altijd een vreemde nasmaak. Het restaurant veranderde, maar de kat bleef dezelfde, volmaakt tevreden.