Zo gek nog niet


De deur klopte aan op de vreemde knokkels van een hand.
Of daar wellicht iemand thuis was?
Er was niemand, maar de hand ging wel open.
De deur ging naar binnen, de klink lag lekker in de holte van de hand.
De muis van de handpalm kriebelde.
‘Aangenaam kennis te maken’ ,zei de deurklink tegen de hand, ‘hoe woont dat nu..een hand?’
‘Oh, …heel gewoon, het wijst zich vanzelf!’, gebaarde de hand,
De deur sloeg dicht, wist even niets meer te zeggen.
De vingerkootjes begonnen op het deurpaneel te roffelen van opwinding.
De deur klonk wonderlijk hol.
‘Ik zou wel door u heen willen gaan…’ ,sprak de hand schuchter.
‘Daar sta ik ergens wel open voor!’ , antwoordde de deur vrij moedig.
‘Ik ben alleen bang dat het uit de hand loopt…’, zei de hand, ’dat u in het slot valt!’
‘Wees niet bevreesd, mijn sloten zijn kapot, ik ben slechts zo gek als een deur, er gaat nogal veel door mij heen, weet u, teveel om te verwerken!’
‘Dat is begrijpelijk als uw slot kapot is…alles loopt maar in en uit’.
‘Ja, zonder slot is het eigenlijk vrij normaal om gek te zijn!’, beaamde de deur.
‘U bent er wel heel open over!’ , sprak de hand met enige bewondering.
‘Ach, ik dank in wezen alles aan mijn scharnieren…’.
‘Waar zou u zonder scharnieren zijn….?’, vroeg de hand belangstellend.
‘Zonder hen was ik al lang dichtgetimmerd …of lag ik als loopbrug over een moddersloot?’.
‘Het was mij een waar genoegen om zo door u heen te gaan’, sprak de hand dankbaar.
‘Ik vond het ook te gek voor woorden’, zei de deur begeesterd.
Onhandig namen ze afscheid. De hand kwam even tussen de deur.
Daarna zwaaiden ze naar elkaar tot ze uit elkaars zicht verdwenen.

Schilderij: Vilhelm Hammershoi

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *