Klus

Een goed doortimmerd verhaal maken was nog een hele klus, zonder Hansaplast. De hamer had inmiddels spijkerpijn in z’n gebutste kop. Het waaibomenhout werkte erg op zijn ijzeren zenuwen. Z’n beste vriend zat klem in een nijpende positie met kramp in zijn tang en sprak mat: ‘Ach, we zijn gewoon metaalmoe!’ Een dolgedraaide schroef draaide er niet langer omheen, ik vind er ook geen moer meer aan. Ondertussen deed de schaaf zoals gewoonlijk weer erg bot tegen de vijl die maar bleef doorzagen over:
‘Doe het zelf, ja Doe het zelf, ja zeg, Doe het lekker zelf…!’
en dat dan net zo lang tot het schap gereed was en terug in de kist.
Het werd er al met al niet mooier op, ‘t leek hier wel een pleisterplaats!

Duizelwek

Ze is wel licht
het meest vreemde
wezen/beestje
niet gemaakt van spul

met een aaivacht
van zwarte nacht
en die orenstaart
van trage kwispelstilte

met duizenden
duizelwek-oogjes
van puur ogenblik
bekoekeloert ze
het wonder
tijdens de thuisvlucht
op onafzienbare vleugels
van ruim verzuim

zo bezeilt ze bezield
haar eigen ademwind
die geurt naar nul

geen pootjes heeft ze
nodig om op te staan
geen rug om tegen de muur

maar

ze is wel licht
in ieder zicht

Poëziel

Wat reeds door en door verrot is
kan mooi nooit meer bederven.

Het ware, het schone en goede
kan geen betere staat verwerven.

De mond bedient zich serviel van
biografisch afbreekbare wegwerptaal
beoefent de kunst van wegsterven.

Het onzegbare zal zich immer
in de wereldpoëziel willen kerven
niets…zo onverweldigend helder

Een eeuwig vergeten gedenksteen
blijft liggen als ongebeiteld graniet
onder meters woest zijnzand

Al is wat ons rest…
deze gelukkige scherven,
want er is geen want.

Wat er spiegelt

slaap hield je wakker
geen bed in deze waakkamer

herinnert zich nog goed
hoe het alles vergat

om helder te waarnemen
zonder peinsmodder

helderstromend water
door een vergiet viel er

niets te zeven
heel de vloer drijft nat

wat er bodemloos spiegelt
lichtwerelden diep

Wie liet de kraan open staan?
Hoe dan ook, bedankt!

Mal

Men moest en zou eruit halen wat er in zat.
Het onbegrepene bleek een perfecte mal
om misverstanden in uit te gieten
en uit te laten harden.

Bijvoorbeeld: je hoogsteigen wereldbeeldje
als een handzame maatbeker
voor het oceanische bestaan,
op broekzakformaat.

En als het bestaan er niet in paste
dan sloeg je het afgietsel zomaar kapot,
opeens en je begreep niet waarom.

Is die hele mensachtigheid geen rare vrucht
die de tak afzaagt waar ze aan groeit?
Metaforen ontsporen hier aan onbegrip.

Brutalen mochten dan halve werelden hebben,
ze leefden mooi in goud gekooid, stervensrijk.
Alleen verwondering liet de wereld heel.

Schattenschrift

Lichtontwerper Ingo Maulwurf maakte in zijn vorige leven talloze belichtingen en lichtontwerpen tot hij de lukrake en hermetische wereld van de schaduwwerking ontdekte. Lukraak omdat schaduw een onbedoelde bijwerking is en hermetisch omdat het pure natuurkunde betreft, de dwingende wetmatigheden van het licht. Ingo begon ermee om zijn eigen schaduw te fotograferen. Hij verwonderde zich erover hoe eindeloos veelvormig die zich kon tonen, één stapje opzij of één wolkje voor de zon was al bepalend voor de hele verschijningsvorm. De vluchtigheid van schaduw ontroert hem, het spel dat ze speelt met ons op de muren van onze bovenkamer.
Uit de catalogus van die Schattenschrift-ausstellung Pinakothek München:
” Jeder zufällige Schattenform ist ein Kunstwerk ohne Künstler, ein willküriges göttliches Handschrift…es sagt: Kuck mal Mama ohne handen! Niemand macht etwas, das Schattenschrift wird irgendwo entdeckt im offenbares Domain, wie gefundenes Fressen.”

Maulwurf ziet zijn overstap naar beeldende kunst als een dankbare oogsttijd, na al het licht wat hij voorheen in de wereld gezaaid heeft. “Schatten sind die Blumen des Lichts.” Het lukt hem niet het werk te signeren, al zou dat de marktprijs enorm verhogen.

Schattenseele

De ziel is als schaduw, ze licht op onder je voeten
Niet krijgen wat je dacht te wensen is het geschenk
Je dacht een ziel te krijgen maar toen kwam het licht.

Ingo Maulwurf, vertaling F. Wildesheim.

Klantenservice

Wij maken alleen dingen waar niemand op zit te wachten.
Iets vergeefs waar geen markt voor is, gratis dus onbetaalbaar.
U vraagt en wij draaien het niet, zodat u niet weet wat u hoort.
Bestelt u maar wat u wilt, wij bezorgen u ongevraagd iets anders.
Niet goed, u krijgt geen geld terug, u mag niet eens betalen,
maar wij hebben iedereen als doelgroep in gedachten, want
iedereen heeft het recht om niet op wenken te worden bediend.
Wat het is zult u nooit weten, bedoeling of betekenis al evenmin.
Wij verwachten van u geen enkele instemming, geen tevredenheid.
Het is onze missie om iedereen van het ongevraagde te voorzien.
U kunt altijd krijgen wat u niet wilt, u krijgt altijd wat u nodig hebt.
Zo maken wij optimaal gebruik van essentiële onbruikbaarheid
en bieden daarbij een levenslange garantie, wat wilt u nog meer?
U bent geen patiënt maar cliënt, een held van de firma Koopziek.

Vautlooz

Ohfur furbeethurde spelhings qontrolluh.
Un heenfaudug hoploshing forun kompleqs purrobulleem.

Qyq, spelhing wort teeghun woort hug onnodug moejluk gumhaakt
tumhinste folg huns dunhorm vanhut halgumheen busgaaft Nedurlans.
Egthur….folg huns hut foonheetiese sieste heem wort vouthun makun
frywel honmo geluk halsjuh guwwehoon suggeryft zohals jupperaat.
Mahakkelukkur kunnu wuh hut niemhaken. Dus voort haan suggeryfhun
wuh in saparaheektahaal, hiq budhoelmaarjatogsekernietanneedassegiq.

Mankokkies Efanchelie


Wy hing sowals altytig weris ronte saamhang op pleinplaatsie dees wonderbarigste aartklood. Ons vamielie der mensbeesies..somswel de Sapiehens-mensie vernoemt of Aartklood-mankokkies…die soveel kauwdrukte maak van nixte doen, nou ja nixtedoen…wy hing hierdaar strontsterkige vralen opte hang en tegemkaar op te skep. Die ene vraal nog sterkharder dande voorge…wy kletspraak namelyk werelt-taal alsbestige mankokkies vande werelt…die niew werelt…die ou werelt was al afgeskryf uit ons wyds blikkievelt. De ganswerelt wasimmers 1 vraal danogal nienix is …dattisme nogalwat, de ganswerelt is nogalte walgfeel voor 1 sgamelig mankokkie in-diefie-duwheel…dat grypsnap tot elke gekko…. Terminsterig so dagt wy somaar vryblyvent te kun rommeldenk. Egter so enormelyk vryblyverig wasset heelnie sou algou bleekblyken.
Eerstig lyk die vralen ons nogte vrenigen tottéén saamvraal, maar gaandweggerig verdeeltie zwatelvraal onsmeer dan ons samelykbint. Wy bood veelte opskeppig hoog tegemekaarop…jou vraal…teeg myn vraal…Het groot vraal dat ons sogt te vertel ging dooldwaalsugtig teloor….en ons algrotigste vraal liep keivast in Babel…jyweet vas wel waardie Puintoren van Taalwar bouryp was om kaalte sloop….veelpas laterig sage we in dataldie vralen hoemooi ook… hoe sleperig mee ook…slegs onnodiglyk loos ondertitelig is voor dit omringsaam wonder…een ongrypzaam uitlegsel vandie onverklaard geim waarwy al nooit van versgilden…dattit immerniew is enso grenslozelyk grootst…
Opebarig Geim wou nix liever dan straaldwars door ons heenstroom, taalloos door ons leeg beddinkie te dender. Aldat gouwehoer vandie rotsigste vralenbrei spert die vrye weg omte stroom…mankokkie sweig sig.

Hazenslaapje

Een massa van identieke individuen bevolkte het plein.
Bij gebrek aan buitenaards bezoek waren ze zelf Aliëns geworden.
De vleesgeworden statistiek van het landelijk gemiddelde protesteerde,
voor de afschaffing van de eerste levensbehoeften.
“We laten ons niet langer knechten door de stoelgang”
“Hoezo adem halen? , laten ze het maar brengen!” ,scandeerden ze.
“Wij eisen het recht op om onze eigen behoeften te scheppen,
alleen fijne behoeften, geen verplichtingen meer en dood aan de mortaliteit”

Een alom afwezige autoriteit, al sinds de oertijd, was voelbaar aanwezig.
In de verte hoorde men de locomotief van de metafoor ontsporen samen
met alle wagons volgeladen met betekenis en geestelijke erfgoederen.
Het oude gewoontespoor hield hier op, het virtuele ideale spoor lag al klaar.
Men zou het voortaan zonder metaforen moeten stellen en zonder wagons.
Of het serum nu iets hielp? Maar je kreeg er wel heel rare dagdromen van…