Ga, ben en tover god


De heersende tijdgeest leeft in de veronderstelling dat de wereld onttoverd is.
Het mysterie is doodverklaard.
Het is een geloof dat zich zelf verwerkelijkt.
De tijdgeest gelooft in het normale, het gewone en het gangbare, als heilige drie-eenheid.
Zolang alles in de bekende mal past, is de tijdgeest gerustgesteld.

Het wetenschappelijk paradigma is materialistisch, mechanistisch: alles is meetbaar.
Er is geen god, geen ziel, geen geest.
Wetenschap reduceert de mens tot een biologische machine.

Ga, ben en tover god lijkt een aansporing om te gaan en te zijn en God te toveren.
God is dan wel doodverklaard, maar met die vaststelling is de mens ontmaskerd als schepper van God.
Dat is zowel een bovenmenselijke als goddelijke prestatie.
God is een handpop gebleken in handen van de mens.
Als de mens goden kan scheppen, dan is alles mogelijk.
God was immers al almachtig en in bezit van een certificaat van goedheid, met dank aan de duivel.
De mens bezit geen certificaten, daarom is nu alles mogelijk, zelfs het wenselijke.
Als dit geen Shakespeareaans drama is dan weet ik niet meer.

Waar ontlenen we de wijsheid aan om te weten waar de grens ligt die we onszelf vrijwillig opleggen?
Welk verhaal wil je spelen in deze poppenkast?
Voor wie speel je?
En wie bespeelt jou?

Het openbaar geheim is een doorlopende voorstelling van het onvoorstelbare.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *