Gek

Vandaag heb ik toch iets geks meegemaakt. Alles behalve ik leek opeens normaal, en volslagen gewoon. Ik dacht even: ‘Ben ik nou gek? of…’ Maar verder kwam ik niet.
Het moet toch niet veel gekker worden… dat zou de omgekeerde wereld zijn. Lees ik hier terug in mijn dagboek. Wat moet ik nu beginnen en waar? , stond er in blokletters.
Ik belde bij de buren aan die gek genoeg nog open deden ook. Ik had de beste mensen nog nooit gezien en vroeg of ze dit nu allemaal maar normaal vonden.
Ze zeiden: ‘Nou, normaal gesproken wel’, maar kom even binnen we zijn toch net aan het witten. ‘Wil je soms ook een kwast…?’ Ik had altijd al iets met kunst…wat, weet ik eigenlijk niet.
Dat klonk dus zo gek nog niet…en ‘Soms’ had ik altijd al een leuk woord gevonden.
En zo had ik meteen wat om handen.
Binnen lag het gehele meubilair onder de witte lakens, als een kunstwerk van Christo.
Waarschijnlijk uit zijn beginperiode toen hij nog niet alles meedogenloos begon in te snoeren met touwen en knopen.
We stonden plots samen te zijn in een witte doos…vertrouwd als vreemden onder elkaar.  De plafondlampen waren ook verwijderd en de luxaflex dicht. De buren liepen te kwasten en te rollen in geheel witte overals en zeiden ‘Wat leuk dat je even langskomt…we hebben gisteren net de sleutel gekregen..’
‘Vandaar dat ik jullie nog nooit gezien had’ , merkte ik naïef op.
‘Hoe lang woon je hier al naast ons?’ ,vroeg de witte buurman.
‘Nou, naast jullie sinds vandaag, dat is gek toch?, terwijl ik lustig erop los rolde.
Per ongeluk nam ik met de roller de luxaflex mee, een witte kalkbaan over de lamellen.
‘Geeft niks joh, zei witte buur lachend, ‘doe de rest ook maar’.
Ik begon er lol in te krijgen, in dat totale witzijn en vroeg of er nog een witte overal was
omdat ik mij een beetje uit de toon voelde vallen in mijn blauwe badstof ochtendjas.
‘Natuurlijk, hebben we dat voor jou!’ ,klonk het begeesterd. Even later liet buurvrouw mij kiezen uit drie maten small/ large / extra large. En of ik een koud glaasje melk wilde uit de koelkast. Nog nooit had ik mij zo op mijn gemak gevoeld bij mensen die zich als witte buren vermomd hadden. Alsof ik thuis kwam. Later aten we nog witbrood met geitenkaas, heerlijk, wat een sfeer.
Toen het klaar was stelde ik voor te helpen om de lakens op te vouwen, maar dat vonden ze gek. ‘Welnee, gekkie, dat laten we zo, kan het niet vuil worden ook’
‘We hangen wel een peertje op voor vanavond dat geeft zulke mooie schaduwen’, zei mijn witte buurman, ‘als je daar nog even bij wilt helpen graag!’
Ik ben die avond daar gebleven, weggedommeld tussen de witte lakens, dromend van sneeuwvlaktes en en de veilige beslotenheid van de iglo…en de schaduwen op de rondom holle wand.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.