Het schuldige antwoord

De onopvallende man werd aangehouden, zonder enige aanleiding.
Waar gaat de reis naartoe? vroeg de agent in burger.
De reis? geen idee.
Mag ik uw papieren zien?
Ik heb geen papieren.
Ach, bent u ze verloren, vergeten?
Ik heb nooit papieren gehad, verklaarde de man rustig.
Hoe verklaart u dat?
Ik ben geboren zonder papieren.
Wat is uw naam, woon of verblijfplaats?
Ik blijf nooit lang op een plaats.
Dat klinkt al verdacht, bent u voortvluchtig?
De man spelde zijn naam in diverse klinkers, geduldig.
De agent noteerde en vroeg: hoe gaat u nu bewijzen dat u het bent?
U ziet toch dat ik het ben?
Hoe kan ik weten of u niet iemand anders bent onder een andere naam?
Hebt u mensen die kunnen getuigen dat u degene bent die u zegt te zijn?
De man bleef het antwoord schuldig en maakte een afwezige maar gelukkige indruk.
U bent u strafbaar, ik moet u helaas arresteren, wegens obstructie van de rechtsgang.
Wie zwijgt heeft meestal iets te verbergen.
Hoe zou ik niets kunnen verbergen, vroeg de man met een glimlach, u kunt mij toch niet arresteren voor het feit dat ik niets bezit?
Toch wel, legitimatie is verplicht, en antwoorden naar waarheid ook, u zult trouwens ook de proceskosten moeten betalen als u antwoorden schuldig blijft.
De agent noteerde in het proces verbaal: ‘verdachte blijft irritant rustig’
Na een kort verblijf in de cel werd de man voorgeleid aan de rechter.

Waar leeft u van? vroeg de rechter
Van wat de straat mij biedt, ik eet uit goedgevulde containers van sterrenrestaurants en vers fruit als de marktdag voorbij is.
Waar slaapt u dan?
Vannacht in een luxueuze cel, maar doorgaans in meubelzaken, beddenwinkels, grote warenhuizen, ik laat mij insluiten en verlaat het pand zonder sporen achter te laten.
Waar heeft u gestudeerd? u klinkt welingelicht.
In alle bibliotheken van dit mooie land, ze zijn mijn huiskamer.
Hoe bent u hier gekomen, u bent toch niet van hier?
Ik ben hier niet gekomen, ik ben in dit land geboren voor zover ik weet?
Waar zijn uw ouders dan?
Ik ben een wees, te vondeling gelegd.
Maar u bent kennelijk gevonden en opgevoed?
Kennelijk, maar daar weet ik niets meer van.
Hoe komt dat zo, geheugenverlies?
Dat ben ik vergeten.
Ja, zo is het wel mooi, u leidt het hof om de tuin,
ik ga u veroordelen, heeft u nog verder nog iets te zeggen?

Geachte rechter, begon de man weloverwogen zijn woorden kiezend; u kunt mij natuurlijk veroordelen als onschuldige, maar weet wel dat u dan de dader wordt van een misdrijf.
Weet dat u zich schuldig maakt aan een gerechtelijke dwaling, ongeacht of u nu oprecht meent recht te spreken of van kwade wil bent.
Het is aan het hof om te bewijzen dat ik schuldig ben of foute informatie heb verstrekt.
U zult moeten bewijzen dat het niet hebben van papieren, ouders, huis, relaties, bezittingen grond is voor strafvervolging.
Is het vergeten van een geheugen een verwijtbaar onvermogen? Laat uw recherche mij schaduwen en het zal blijken dat er geen woord gelogen is.

Na het pleidooi bleef de rechter een antwoord schuldig.
Mag ik u dan uitnodigen om vanavond met mij te komen eten?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *