Lievelingsgraf


Na de vijfde herschrijving van zijn debuutroman wierp hij het manuscript in een opwelling in de allesbrander.
Tot zijn vreugde vatte het geen vlam.
Het vuur doofde juist.
Half bewust had hij gedacht dat zijn boek deze irrationele vuurproef moest kunnen doorstaan.
Alsof het daarmee een goed boek zou worden.
Alsof de ongare inhoud moest worden afgebakken.

Hij wist natuurlijk wel beter, anders had hij het niet vijf keer herschreven.
Iedere herstelpoging maakt het alleen maar erger.
Stel je voor, een jazzimprovisator die vijf keer opnieuw naar de juiste noot gaat zitten zoeken en dat vervolgens zijn stijl noemt…

Zijn redacteur, die een goede neus voor de tijdgeest bezat, had hem er steeds toe aangezet.
“Het is prachtig, nu alleen nog schrappen. Kill your darlings.”
Na iedere slachting vond de redacteur dat de tekst was verbeterd, maar het kon nog kaler.
Het draaide uit op een massamoord van zijn lievelingen: een lievelingsgraf.
Hij had het warme manuscript voorzichtig uit de allesbrander getild, als een relikwie.
De redacteur was opgetogen geweest: het kon zo naar de drukker, geniaal!

In de literaire pers werd het onthaald als een mooi, kaal boekje.
Het werd geprezen om zijn stijl.
Dit moest iedereen gelezen hebben, stond in de recensies.
Van de vele lezers, die er toch moesten zijn, vernam hij niets.

Hij had het eerste exemplaar in handen gekregen en doorgelezen alsof het van een vreemde was.
Het bevreemdde hem dat hij er niets eigens in kon herkennen.
Het was niet zijn boek, niet zijn taal, niet zijn verhaal.
Het succes beschaamde hem.

Tot op de dag van vandaag wil hij niet vertellen hoe het boekje heette, noch onder welk pseudoniem het was verschenen.
Tegenover mij verklaarde hij, dat het nog het beste Lievelingsgraf had kunnen heten.
En zo iemand is dan al twintig jaar je buurman.

Dit korte verhaal is alles wat er nog van over is.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *