Neutraal

Discriminatie betekent strikt genomen gewoon onderscheidingsvermogen. Dankzij onze verschillen kunnen we elkaar onderscheiden en herkennen. Zonder verschillen waren wij identieke klonen, onherkenbaar.
Het veroordelen van discriminatie is in zichzelf natuurlijk ook weer discriminatie.
Wie iets als slecht veroordeelt schaart zichzelf daarbij vanzelf onder de ‘goeden’.

Het ‘goede’ kan alleen goed zijn als het ook het ‘ slechte’ in zichzelf erkent. Ieder mens gebruikt doorlopend zijn onderscheidingsvermogen.
Onderscheidingsvermogen is echt iets heel anders dan het denken, om dat in te zien
heb je juist dat onderscheidingsvermogen nodig. Door het te gebruiken slijp je het.
Het wonderlijk van het denken, waarmee de mens zich denkt te kunnen onderscheiden van de dieren, is dat het een eigen dynamiek creëert. Het denkbeeldige lijkt door de werkelijkheid te worden bevestigd.

Als we geen onderscheidingsvermogen ontwikkelen ten opzichte van het eigen illusoire denken
dan blijven waandenkbeelden zichzelf waarmaken, het oordeel zal overal bevestiging vinden.
Wanneer de waan voor waar wordt aangezien blijft de verwarring zich voortplanten.

Het komt er helemaal niet op aan goed of slecht te zijn, het komt erop aan volledig te zijn, integraal. De ironie is dat juist dit neutrale onderscheidingsvermogen datgene is wat alle mensen van nature verbindt. Hiermee onderscheid ik mij niet van andere mensen. Ik verwijs slechts naar een gemeenschappelijke bestaansgrond, waarin we niet alleen gelijk zijn maar ook identiek. Onderscheidingsvermogen heeft geen identiteit, ze is er getuige van.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *