Rug


‘Hij kijkt alleen maar… hij kijkt het mooie ervan af’, zo sprak men over W als kind.
W was een geboren voyeur, kreeg op zijn derde jaar al een verrekijker waardoor het natuurlijk gegeven talent tot een dwangmatige obsessie ontwikkelde.
Op latere leeftijd probeerde W via een complexe spiegelopstelling zichzelf te betrappen op een onbespied moment.
Vanuit een gefixeerde positie zag hij zichzelf nu als een rug die in de verte gluurde. De rug zag er gespannen uit en voelde vorsende ogen prikken, hetgeen een lichte jeuk veroorzaakte. De geobserveerde rug kon de impuls om te gaan krabben kennelijk weerstaan. Er werd ook geen poging ondernomen om over de schouder te kijken naar wat er zo priemde. Vergeefse moeite.
Nu W zich zo zag vroeg hij zich voor het eerst af…wat ogen eigenlijk zochten…wat wilden ogen zien… vinden?
Of was het om het even wat er gezien werd? Was dit nu eenmaal wat ogen deden, hun vermogen uitleven, registreren wat er allemaal aanwezig was? Nieuwsgierigheid naar alles maar die zich nu toonde als een rug.
Of was het het gewaar zijn van mogelijk gevaar dat mogelijk achter de rug naderde?
W wist niet meer waar hij moest kijken, ontspande waardoor de oogleden vanzelf dichtvielen als zachte sluizen die ‘n oceaan van zicht binnen sloten,
een stuwmeer van licht.

One thought on “Rug

  1. “zichzelf betrappen op een onbespied moment”. Een intrigerend openbaar geheim vanochtend. Moest het toch wel vier keer (en langzaam) lezen om deze ‘enge droom door Rene Magritte’ te bevatten. Ultieme visuele zelfreflectie. Dank voor dit geheim.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.