Uitdrukkelijke soep

Het antwoord van Pollice ‘Alle buitenwereld is binnenwereld’ bleef maar rondzingen in het brein van Luciano.
Wat zou deze uitspraak betekenen binnen het onderzoek?
Dat je niets kon buitensluiten, dat alles onherroepelijk deel uit maakt van de binnenwereld?
Het onderzoek vorderde niet erg moest Luciano toegeven,
steeds stuitte hij op voor hem onverenigbare inhouden
‘binnen’ het object P.Grosso.
Verder kende hij geen mensen die slapenderwijs fabuleerden als Pollice en dan nog wel verstaanbaar, er waren genoeg slapers die wel eens iets onverstaanbaars mompelden.

De theorievorming kwam dus moeizaam van de grond, het bleef bij speculeren.
In een map “Speculatieve presumpties” hield hij zijn indrukken bij, hij las: ‘Bestaan is het ondergaan van talloze losse indrukken, je wordt van jongsaf aan ingedrukt met zintuiglijke gewaarwordingen.’
‘Wellicht moet je wel een tegenkracht ontwikkelen om niet tot een propje te worden verfrommeld, je moet je uitdrukken?’
Lucello stelde zich zelf voor als een verfrommeld propje en ging verder:

“Wat is een verhaal anders dan een verzameling van losse indrukken die tot een coherent, hanteerbaar geheel wordt gefabuleerd? ,onbegrijpelijke en ongrijpbare losse indrukken krijgen door het verhaal een schijnbare begrijpelijkheid?
Krijgen ze alleen samen een zinvolle plaats en betekenis in verhouding tot alle andere losse indrukken?”

Al speculerend kreeg Luciano nu de smaak te pakken en het idee dat hij op een spoor zat, wellicht het juiste spoor.
De dynamiek van indrukken die uitdrukkingen oproepen…

‘ Maar wacht!’ realiseerde de geleerde Lucello zich plots, terwijl hij hardop dacht:
‘Wat ik nu aan het theoretiseren ben is natuurlijk ook weer niets anders dan een plausibel verband fabuleren’
Het was alsof hij zichzelf een klap op zijn bovenkamer had gedacht waardoor er opeens een zolderraam openstond, het voelde als prikkelend frisse ruimte in zijn hoofd.
Hij vond het onbegrijpelijk dat hij zich dit simpele feit nog nooit had gerealiseerd.
Dromen, smoesjes, roddels, fabels, geschiedenis, theorieën, thrillers, detectives, romans, leugens, waarheden…
Het waren allemaal verwoede pogingen om het ongrijpbare mysterie van het bestaan te grijpen, te bezweren, pogingen stonden gelijk aan het ontwerpen van een ronde cirkel of een bolvormige kubus.

Het object P.G. als afwijking te zien was wel heel verleidelijk, toch kon Luciano het verhalend vermogen niet als ziektebeeld zien, want wie zou er niet zo’n ziekte willen hebben?
Het geval P Grosso leek geen sensorisch filter te hebben , alle indrukken kwamen gewoon ongezeefd binnen zonder enige censuur, dat maakte het verschil met andere mensen.
Wie maar een paar zintuiglijke ingrediënten toelaat kan hooguit een waterig soepje koken.

Luciano legde zijn overwegingen voor aan Pollice die net soep aan het koken was, deze reageerde:
‘Ligt het niet in de aard van de geest om overal soep van te brouwen, verhaalsoep?’
‘De godganse dag krijgen we ingrediënten binnen, het maakt niet uit welke, het staat iedere dag weer op het menu, soep van de dag’
Luciano vroeg: ‘is het verhaal beter naarmate de verhaal soep is gebonden?’
‘Een kwestie van smaak’ zei Pollice, ‘ik hou wel van soep met een beet, verse ingrediënten maken het verhaal actueel… hoewel soep van een dag oud een verhaal ook op smaak kan brengen’

Als laatste gooide Pollice een handvol lettervermicelli in de enorme pan.

One thought on “Uitdrukkelijke soep

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *